Grenzen stellen aan gaming en internetten is voor veel ouders moeilijk
15 december 2009
De helft van de ouders vindt het moeilijk om consequent te blijven en te controleren of hun kind zich houdt aan afspraken over gaming en internetten. Dit blijkt uit een onderzoek in opdracht van het ministerie voor Jeugd en Gezin.
Grenzen stellen, handhaven en controleren in de opvoeding van pubers gaat makkelijker bij onderwerpen waar ouders relatief veel vanaf weten zoals roken en alcohol. Lastiger wordt het bij onderwerpen waar ze minder goed over geïnformeerd zijn, zoals bijvoorbeeld gaming en internetten.
Volgens minister Rouvoet blijkt dat kennis opvoeden makkelijker maakt.
'Het gaat daarbij niet alleen om kennis uit boeken, maar ook op ervaringskennis van andere ouders en opvoeders, en uiteraard van de jongeren zelf. Ga ook met jongeren in gesprek over onderwerpen als gaming en internetten.'
Ouders van pubers praten graag over de opvoeding met anderen. Meer dan 80 procent van de ouders van pubers praat wel eens met familie en vrienden over de opvoeding. Ruim 20 procent van de ondervraagde ouders heeft behoefte aan meer contact met school.
Ouders bepalen de grenzen veelal samen met hun kind (58 procent). Negen van de tien ouders gaan ervan uit dat hun kind zich hieraan houdt. Als kinderen zich toch niet aan de gemaakte afspraak houden gaat 61 procent in gesprek; 47 procent geeft een waarschuwing en 14 procent geeft straf. Dit kan door hun kind bijvoorbeeld huisarrest te geven of door een tijdelijk verbod op het gebruik van de computer. Slechts 1 procent ziet het ongewenste gedrag door de vingers.
Volgens het onderzoek worden de meeste opvoedproblemen ervaren door ouders van 15- en 16-jarigen, één-oudergezinnen, ouders in de Randstad en laag opgeleide ouders. Het onderzoek ‘Grenzen stellen bij pubers: vasthouden en loslaten’, waar circa duizend ouders van pubers aan meededen, is het tweede opinieonderzoek in het kader van het opvoeddebat.